herinner je wie je werkelijk bent
 
 

een andere benadering van persoonlijke issues - en voor gewoon meer rust in jezelf

 

start

columns dagelijkse teksten oneliners online ontspannen 

           naar vorige pagina

 


Open staan voor anderen

Als het winterzout werkelijk van de wegen verdwenen is, zijn ze er weer: oldtimer ritten. Een bonte stoet van meer en minder oude auto’s slingert zich over rustieke landweggetjes. En omdat mijn partner daar graag naar mag kijken, zetten we ons ook afgelopen weekeind met een picknickmand langs de rand van zo’n route. En inderdaad, na een kopje thee en een plak versgebakken cake begon de optocht aan ons voorbij te trekken. 

Tot ons plezier werd er wederzijds hevig gezwaaid, duimen opgestoken, ons een smakelijk eten toegewenst, en meer van dat soort spontane reacties. Niet dat we ook maar iemand kenden, maar het maakte onze picknick er wel reuze gezellig door. Na afloop reden we ook nog even naar de stad waar de aankomst van de rit plaats zou vinden, en nestelden ons eerste rang op een vooruitgeschoven terrasje. Op dezelfde afstand reden de auto’s ons voorbij, maar nu: geen enkele response, geen blik van herkenning, geen gezwaai, niets.

Wat was er dan zo anders tussen die eerste keer en die tweede keer? Er zat toch maar een dik uur verschil tussen! Zou het kunnen zijn dat we de eerste keer naast onze eigen klassieke Citroen DS zaten en men in ons een zielsverwant herkende, ja misschien zelfs een mede-oltimerrit-rijder vermoedde? En zo ja, wat is dan de moraal van dit verhaal?

Voordat ik daaraan begin, haal ik nog een voorbeeld uit mijn jeugd naar boven: mijn moeder, vaak wel in voor een dolletje, reed wel eens met ons door de stad, en begon dan te toeteren naar een willekeurige voorbijganger. Wij keken dan allemaal heel verheugd naar de betreffende persoon, en begonnen hevig te zwaaien. De betrokkene zag je dan zoeken in zijn geheugen, maar in elk geval eieren voor zijn geld kiezen, en ook vrolijk terugzwaaien.

Beide verhalen hebben met elkaar gemeen, dat iemand in de ander iets ziet, iets meent te herkennen wat je met die ander deelt, en je op basis daarvan meer open stelt dan je normaal zou doen. Je vermoedt meteen dat er een gebied van wederzijdse herkenning is, in elk geval 1 gebied waar jullie elkaar veilig kunnen vinden. Je normale conventies van afstand houden, de kat uit de boom kijken, de ander misschien niet eens aanspreken enz., verdwijnen daardoor wat naar de achtergrond.

Dat is het leuke van in de ander iets gemeenschappelijks herkennen, je stelt je daardoor makkelijker open voor die ander, omdat je iets prettigs herkent. En dat kan zijn als je allebei van voetbal of oude auto’s houdt, of elkaar tegenkomt op een wandeling in de bossen.

Met andere mensen heb je altijd iets gemeenschappelijks: we hebben allemaal een innerlijk Zelf dat niet oordeelt, rustig en altijd aanwezig is, en waar we  "veilig" en prettig contact mee kunnen maken.

 

copyright Judith Hamerlinck