Waarom het veel meer moeite kost om niét je Zelf te zijn
Je persoonlijkheid begint altijd met vanuit zichzelf te redeneren en dan te stellen dat zaken niet kloppen volgens zijn wereldbeeld en principes. Maar als je je persoonlijkheid ter discussie wilt stellen, dan zal je dat alleen kunnen doen vanuit een positie buíten je persoonlijkheid. Je kent inmiddels wellicht het alternatief: je innerlijke Zelf.
Als je van je Zelf niet werkelijk afgescheiden bent van anderen, innerlijke Rust ervaart en je altijd heel prettig voelt ongeacht de omstandigheden, moet je dus blijkbaar bewust iets doén om dat te vergeten. En de manier waarop je dat doet, is door vooral niét te kijken naar wat je werkelijk bent. Je persoonlijkheid heeft iets slims bedacht om dat voor elkaar te krijgen: oordelen. Het begint met de basisaanname dat dat principe in
zichzelf in elk geval “waar” is. Daardoor lijkt de uitkomst van alles wat je op die manier interpreteert automatisch óók waar. Oordelen garandeert dat je je niet continu rustig en prettig voelt, en het ene roept het andere op, dus je blijft aan de gang, en je aandacht is voor een groot deel van je tijd gevangen.
Om je afgescheiden te blijven voelen, moet hij ook nog iets bedenken. Dat kan hij alleen maar volhouden als er dingen in andere mensen zijn waar hij niet mee geassocieerd wil worden. Ook hier komt het principe van oordelen prima van pas. Hij kijkt vooral naar de persoonlijkheidsaspecten en uiterlijkheden in anderen en keurt vervolgens een aantal van die aspecten in andere mensen af, maakt zichzelf ermee automatisch tot enige “goede” in zijn wereldbeeld, en er kan van hem in redelijkheid niet verwacht worden dat hij zich alsnog echt openstelt voor die mensen die hij heeft afgekeurd.
Kortom: het kost je moeite en energie om jezelf af te leiden en te blijven vergéten wie je bent. Om je focus gericht te houden op fracties van een geheel en daar maar mee aan de gang te blijven: oordelen, interpreteren, gevoel, daar weer iets mee doen, enz.
|